Les 12 - 20/12

Grammatica

De leraar was nogmaals ziek gevallen, maar deze keer heeft hij wel een aantal karakters opgegeven die we mogen instuderen.


Woordenschat

对不起
duìbuqǐ
sorry
知道
zhīdao
weten
宿舍
sùshè
studentenkamer
王
wáng
een familienaam (koning)
小
xiǎo
klein, jong
云
yún
wolk
五
wǔ
vijf
六
liù
zes
七
qī
zeven
八
bā
acht
九
jiǔ
negen
十
shí
tien

Schrijven

sù (92)
shè (94)
qǐ (99)
zhī (100)
dào (101)
wáng (107)
xiǎo (108)
yún (109)
yī (466)
èr (467)
sān (468)
sì (469)
wǔ (470)
liù (471)
qī (472)
bā (473)
jiǔ (474)
shí (475)

Les 11 - 13/12

Algemeen

De leraar was wederom ziek en bijgevolg hebben we dus geen les gehad. Deze week hebben we ook geen opdracht gekregen om nieuwe karakters te leren.

Les 10 - 06/12

Algemeen

Namen in China bestaan uit een achternaam en een voornaam. De achternaam heeft meestal 1 karakter. Indien er twee of meer karakters in staan, kan je er bijna zeker van zijn dat de naam van buitenlandse afkomst is. De voornaam kan in 1 of 2 karakters geschreven worden.

In China zijn achternamen al meer dan 3.000 jaar in gebruik. Hierdoor is het aantal verschillende achternamen sterk verminderd. Op dit moment zijn er ongeveer 300 achternamen, waarvan er eigenlijk 100 geregeld voorkomen. De meest gebruikte achternamen zijn Lǐ (李), Wáng (王) en Zhāng (張), die samen meer dan 20% van de bevolking een naam geven.

Traditioneel wordt de voornaam gekozen door de grootouders en er wordt dan voor gezorgd dat alle kleinkinderen een gemeenschappelijk stuk in hun naam krijgen. Dit gemeenschappelijke deel wordt meestal in het eerste karakter van de voornaam gezet. Het tweede karakter van de voornaam is dan de eigenlijke unieke voornaam voor een bepaalde persoon binnen de familie. Dit deel wordt echter nooit gebruikt om iemand te roepen, behalve eventueel binnen de eigen familie- en vriendenkring. Wanneer je dus iemand bij naam wil noemen, is het gebruikelijker om steeds de volledige naam te gebruiken, waarbij de achternaam vóór de voornaam komt.

Een paar namen van bekende Chinezen als voorbeeld:

毛泽东
máozédōng
Mao Zedong
张艺谋
zhāngyìmóu
Zhang Yimou
周润发
zhōurùnfā
Chow Yun-Fat
杨紫琼
yángzǐqióng
Michelle Yeoh

Woordenschat

名字
míngzi
voornaam
再见
zàijiàn
tot ziens
学习
xuéxí
leren
学院
xuéyuàn
school
语言
yǔyán
taal
拿
ná
nemen
大
dà
groot
为
wèi
door (oorzakelijk, vb: door zijn toedoen)

Schrijven

yán (73)
yuàn (75)
xí (79)
mǎ (83)
dà (84)
wèi (85)
jiā (86)
ná (87)
zài (105)
jiàn (106)

Les 9 - 29/11

Grammatica

  • Vorige week hebben we het bezitpartikel 的 geleerd. Wat we echter nog niet weten, is wanneer we 的 mogen gebruiken en wanneer het beter is om het weg te laten. Als 的 wordt voorafgegaan door een persoonlijk voornaamwoord (我, 你, 他, 她, 您 en alle mv) en wordt gevolgd door een persoon waarmee het onderwerp een persoonlijke relatie heeft dan mag men 的 weglaten. In alle andere gevallen moet je 的 wel gebruiken.

    我妈妈: mijn moeder
    他的书: zijn boek
    老师的爸爸: papa van de leraar

Woordenschat


高兴
gāoxìng
blij, vrolijk
来
lái
komen
进来
jìnlai
binnenkomen
认识
rènshi
elkaar kennen
老婆
lǎopo
echtgenote (informeel)
贵
guì
duur, nobel
姓
xìng
achternaam
您贵姓
nín guìxìng
wat is uw achternaam?
可以
kěyǐ
oke, mogen, kunnen (toegelaten)
问
wèn
vragen
请问
qǐngwèn
mag ik iets vragen?
记者
jìzhě
journalist
杨
yáng
een familienaam (populier)

Schrijven

rèn (54)
shí (55)
xìng (57)
yǐ (59)
jìn (60)
lái (61)
qǐng (62)
jì (63)
zhě (64)
wèn (65)
guì (66)
xìng (67)
yáng (71)

Les 8 - 22/11

Grammatica

  • 的 (de) is het partikel dat in het Chinees gebruikt wordt om bezit aan te duiden.

    Voorbeeld: 我的书 (wǒ de shū: mijn boek).

    Het kan ook ingewikkelder door meerdere malen 的 te gebruiken: 妈妈的哥哥的太太 (māma de gēge de tàitai: de vrouw van de oudere broer van mama).


Woordenschat

外
wài
buiten, buitenlands
外国
wàiguó
buitenland
外语
wàiyǔ
vreemde taal
外国人
wàiguó rén
buitenlander
外婆
wàipó
grootmoeder (moeders zijde)
奶奶
nǎinai
grootmoeder (vaders zijde)
您
nín
u
医
yī
geneeskunde
医生
yīshēng
dokter
西班牙
xībānyá
Spanje
加拿大
jiānádà
Canada
意大利
yìdàlì
Italië
日本
rìběn
Japan
日本人
rìběn rén
Japanner
日语
rìyǔ
Japans (taal)
陈
Chén
Chinese familienaam

Schrijven

nín (45)
wài (47)
yī (49)
nǎi (51)
pó (52)
Chén (53)
měi (88)
rì (223)
běn (272)
tóng (452)

Les 7 - 15/11

Algemeen

De leraar was ziek en bijgevolg was er geen les. Hij houdt ons wel in gang door ons een reeks nieuwe karakters te laten leren schrijven. Kwestie van geen afkickverschijnselen te veroorzaken bij zijn leerlingen :).

Woordenschat

法
fǎ
wet
可
kě
kunnen, kunnen zijn
口
kǒu
mond
荷兰
hélán
Nederland

Schrijven

kě (58)
kàn (149)
kǒu (180)
chē (204)
lè (246)
tīng (375)
hé (449)
lán (450)
fǎ (496)

Les 6 - 08/11

Grammatica

  • Wanneer een woord in de vierde toon voorafgegaan wordt door bù (不), dan verandert de toon van bù van de vierde naar de tweede toon: bú.
    Bvb.: bù shì shū verandert naar bú shì shū.

  • Indien men een vraag stelt waarin een werkwoord voorkomt en waarop men bevestigend wil antwoorden, doet men dit door het werkwoord te herhalen: 你说汉语? - 说 (nǐ shuō hàn yǔ? - shuō)


Woordenschat

好喝
hǎohē
lekker (drinken)
好听
hǎotīng
mooi klinken
好看
hǎokàn
mooi uitzien
听
tīng
luisteren, horen, gehoorzamen
看
kàn
zien, kijken
说
shuō
spreken, zeggen
太太
tàitai
echtgenote, mevrouw
先生
xiānsheng
echtgenoot, meneer
哪
nǎ
welk
狗
gǒu
hond
猫
māo
kat
汉语
hànyǔ
Chinees (taal)
比利时
bǐlìshí
België
英国
yīngguó
Groot-Britannië
英语
yīngyǔ
Engels (taal)
德国
déguó
Duitsland
德语
déyǔ
Duits (taal)
法国
fǎguó
Frankrijk
法语
fǎyǔ
Frans (taal)
美国
měiguó
Verenigde Staten

Schrijven

nǎ (37)
yǔ (48)
xiān (69)
hàn (80)
yīng (81)
shuō (139)
shū (270)
bǐ (446)
lì (447)
shí (448)

Les 5 - 25/10

Woordenschat

同学
tóngxué
klasgenoot
懂
dǒng
begrijpen
饿
è
hongerig
的
de
duidt bezit aan
谁
shuí
wie
什么
shénme
wat
这
zhè
dit
那
nà
dat
老
lǎo
oud
人
rén
mens
中国
zhōngguó
China, Chinees (adj.)
中国人
zhōngguó rén
Chinees (persoon)
中
zhōng
midden
国
guó
land
酒
jiǔ
alcohol, sterke drank
啤酒
píjiǔ
bier
水
shuǐ
water
牛奶
niúnǎi
koeienmelk
茶
chá
thee
雪碧
xuěbì
Sprite (groene sneeuw)
可口可乐
kěkǒu kělè
Coca Cola
芬达
fēndá
Fanta
是
shì
zijn
笔
bǐ
pen, potlood
书
shū
boek
报
bào
krant
纸
zhǐ
papier
车
chē
auto, voertuig
尺
chǐ
lat

Schrijven

shì (36)
guó (38)
rén (39)
nà (40)
shuí (41)
lǎo (42)
shī (43)
zhōng (44)
zhè (46)
de (76)
shén (77)
me (78)
chá (254)

Les 4 - 18/10

Woordenschat

学
xué
leren
要
yào
willen hebben
喝
hē
drinken
咖啡
kāfēi
koffie
林
lín
bos
力
lì
kracht
波
bō
golf
难
nán
moeilijk

Schrijven

lì (11)
bō (12)
lín (16)
nà (17)
yào (29)
kā (30)
fēi (31)
hē (33)
dīng (34)
shēng (50)
xué (74)

Les 3 - 11/10

Woordenschat

学生
xuésheng
leerling
弟弟
dìdi
jongere broer
朋友
péngyou
vriend
女朋友
nǚ péngyou
vriendin (lief)
男朋友
nán péngyou
vriend (lief)
高
gāo
hoog
太
tài
te
不太
bù tài
niet al te
对
duì
correct
门
mén
deur
瀑布
pùbù
waterval

Schrijven

bà (19)
nán (25)
péng (26)
yǒu (27)
dì (32)
gāo (56)
nǚ (95)
xiè (97)
duì (98)
tài (133)

Les 2 - 04/10

Woordenschat

都
dōu
alles, allemaal, beide (duidt mv aan)
我们
wǒmen
wij, ons
你们
nǐmen
jullie
他们,她们
tāmen
zij (mv), hun
不
bù
niet, ontkenning
忙
máng
druk, bezig
老师
lǎoshī
leraar
哥哥
gēge
oudere broer
偷
tōu
stelen
刀
dāo
mes
打
dǎ
slaan, vechten
一
yī
één
二
èr
twee
三
sān
drie
四
sì
vier

Schrijven

ne (4)
yě (5)
máng (18)
tā (21)
men (22)
dōu (23)
bù (24)
gē (28)
tā (35)
jiào (68)

Les 1 - 27/09

Grammatica

  • Wanneer een woord in de derde toon gevolgd wordt door een ander woord in de derde toon, dan wordt het eerste woord uitgesproken alsof het in de tweede toon staat. Voorbeeld: wǒ yě hěn hǎo wordt uitgesproken als wó yé hén hǎo.


Woordenschat

我
wǒ
ik, mij
你
nǐ
jij, jou
他
tā
hij, hem
她
tā
zij, haar
好
hǎo
goed, ok
很
hěn
heel, erg
也
yě
ook
叫
jiào
heten
爸爸
bàba
papa
妈妈
māma
mama
谢谢
xièxie
dank u
呢
ne
vraagpartikel (in elliptische vragen)
吗
ma
vraagpartikel (in andere vragen)

Schrijven

ma (1)
wǒ (2)
hǎo (3)
nǐ (6)
hěn (7)