Grammatica
Wanneer het woord 家 achter een beroep staat, verandert dit de betekenis van dat beroep naar de persoon die het beroep uitoefent. Bvb.: 音乐家 wat muzikant betekent of 数学家 wat wiskundige betekent.
Wanneer het woord 家 achter een beroep staat, verandert dit de betekenis van dat beroep naar de persoon die het beroep uitoefent. Bvb.: 音乐家 wat muzikant betekent of 数学家 wat wiskundige betekent.
Ondertussen kennen we drie verschillende voegwoorden: 也 (yě), 和 (hé) en 还 (hái). Ze betekenen allemaal ongeveer hetzelfde, maar er is een licht verschil in het gebruik:
Maatwoorden zijn een belangrijk onderdeel van de Chinese taal. Wanneer je een telwoord gebruikt bij een telbaar zelfstandig naamwoord, moet je er ook een maatwoord bij plaatsen. In het Chinees zeg je dus niet twee mensen, maar meer iets als twee individuen van mensen.
Er bestaan verschillende maatwoorden, waarvan het gebruik afhangt van het zelfstandig naamwoord dat bij het telwoord staat. Voor platte, dunne dingen wordt bvb het maatwoord 张 gebruikt.
Wanneer je niet weet welk maatwoord bij het zelfstandig naamwoord hoort, mag je altijd het algemene maatwoord 个 (ge) gebruiken. Dit is het maatwoord dat wordt gebruikt bij personen, maar ook voor alle voorwerpen die geen duidelijke vorm hebben zoals een koptelefoon.
Hieronder volgt een opsomming van de maatwoorden die wij tot nu toe hebben geleerd:
drie oudere broers wordt in het Chinees dus vertaald als 三个哥哥. vier Chinese boeken wordt 四本汉语书. Het telwoord 2 vormt een uitzondering. In plaats van 二 (èr) gebruikt men het woord 两 (liǎng). De vertaling van twee Chinezen wordt dus 两个中国人.
Er bestaan twee vertalingen voor het woord hoeveel: 几 (jǐ) en 多少 (duōshao). Wanneer je 几 gebruikt, moet je het maatwoord erbij zeggen. Bij 多少 is dit niet meer nodig. Je mag ook kiezen welke van de twee je gebruikt, maar de algemene regel is dat je 几 gebruikt wanneer het verwachte aantal klein is (kleiner dan 10). Wanneer het verwachte aantal groter is, gebruik je dus 多少.
Een paar voorbeelden:
Om duidelijk te maken of je in het ziekenhuis bent omdat je ziek bent of omdat je er op bezoek bent gebruik je de werkwoorden 住 en 在.
Je zegt ook dat je in het hotel "woont", dus wanneer je in een hotel overnacht zeg je ook 住.
We hebben reeds geleerd dat je vragen kan stellen door achter een zin het vraagwoord 吗 te zetten. Er is echter nog een andere manier: de alternerende vraag. Hierbij krijg je de volgende constructie: werkwoord + 不 + werkwoord. Ipv een werkwoord mag je ook een bijvoeglijk naamwoord gebruiken. Hieronder volgen enkele voorbeelden:
Wanneer je deze constructie gebruikt, dan vervalt de toon op 不.
Van sommige werkwoorden bestaan er twee verschillende vormen: het gewone werkwoord en het werkwoord met het "nietszeggend" lijdend voorwerp. Enkele voorbeelden zijn: 吃 vs 吃饭; 看 vs 看书; 写 vs 写字. De eerste vorm is het gewone werkwoord, terwijl de tweede vorm telkens een lijdend voorwerp bevat. Dit lijdend voorwerp heeft geen echte betekenis meer, vandaar dat het "nietszeggend" wordt genoemd.
Wanneer gebruik je nu welke vorm? De vorm zonder het lijdend voorwerp gebruik je wanneer het duidelijk is wat je moet doen. Een voorbeeldje om het duidelijk te maken:
- 写你们的名字。 写。: Schrijf jullie voornaam. Schrijf het.
In bovenstaand voorbeeld is het in de tweede zin duidelijk dat het gaat om het schrijven van de voornaam, omdat dit reeds in een vorige zin wordt vermeld. In het Nederlands vervangen wij dit door bvb het woordje "het". In het Chinees wordt de vorm van het werkwoord zonder het nietszeggend lijdend voorwerp gebruikt. Als het algemener is dan wordt de tweede vorm gebruikt, bvb:
学生都写字。: De leerlingen zijn aan het schrijven.
Hier weten we niet precies wat ze aan het schrijven zijn, ze zijn gewoon bezig met iets op te schrijven.
Wanneer je tenslotte het werkwoord gebruikt tesamen met een lijdend voorwerp, dus een ander dan het nietszeggend lijdend voorwerp, dan gebruik je de vorm zonder het nietszeggend lijdend voorwerp, bvb:
我们写汉字。: Wij schrijven Chinese karakters.